Portretgedicht

Ik schreef dit gedicht in opdracht van een vrouw om geschenk te doen aan een vriendin ter gelegenheid van haar zestigste verjaardag. De opdrachtgeefster heeft het  gedicht voorgedragen tijdens de feestelijke lunch met circa 25 gasten. Daarna heeft ze het – in de papieren versie – cadeau gedaan. 

Voor dit gedicht heb ik gekozen voor de metafoor van een bloem. De kernkwaliteiten en het levensverhaal van de vrouw leidden mij naar de anemoon. Ik laat de anemoon ‘reflecteren’ op haar verschijnen. 

Het gedicht bestaat uit zeven strofen van vier regels. Ik toon hier de tweede, derde en laatste strofe.

[…]

Ik word gedragen door een rechte ranke steel
waaromheen ik weinig gebladerte veel
Voor wie niet weet, oogt dat breekbaar
Wie mij kent, noemt het raakbaar. 

Ik heb mij met een wortelstok geaard
Daarin mijn stille reserve bewaard
Zo passeer ik schrale jaren
Totdat luchten weer openbreken en klaren. 

[…]

 

Ik sta nooit alleen, want heb interesse om mij heen.
Maar sta ik met elkaar, dan is mijn liefdeshart daar.
Dat is waar ik voor kies, dat is waar ik wil zijn
En zal mijn bloei niet meermálen, maar voortdurend zijn.

Anemonen zijn niet-houtige overblijvende zaadplanten, die meer dan eenmaal tijdens hun levensduur kunnen bloeien. 
De lange bloemsteel draagt één, soms meerdere grote bloemen, in de kleuren wit, rood, blauw of paars.  
Anemonen hebben een ondergrondse wortelstok waarin ze hun reserves opslaan. 

 

Meer voorbeelden van gedichten vind je via de pagina stijl.