Welkomsgedicht

Dit gedicht schreef ik op verzoek van een vijftal broers en zussen. Hun vader, 90-plusser, had na de dood van hun moeder een warme vriendschap ontwikkeld met een leedtijdgenote, medebewoonster van de zorglocatie. Bij de voorbereidingen voor een feestelijke viering van vaders verjaardag kwam ook ‘het cadeau’ ter sprake. De uitkomst was dat ze vader weinig plezier konden doen met een materieel cadeau. Vaders diepste wens – zo leek hen – was dat zijn vriendin zou weten, overtuigd zou zijn, dat zijn kinderen de nieuwe vriendschap accepteerden.
Het gezin vroeg mij een gedicht te schrijven om dit over te brengen.

Het gedicht is door een van de dochters op het verjaardag diner voorgelezen en tezamen met een bos rozen aan de vrouw cadeau gedaan.

Het gedicht bestaat uit vier strofen. Ik toon hier de eerste, derde en laatste strofe.

Wij weten, het ontstond gewoon, langzaamaan.
Het was: herkennen van verhalen, een mentaliteit soortgelijk.
Overlappen van verledens en een gedeelde kijk.
En elkaars gezelschap valt vanzelfsprekend aangenaam.

[…]

Met jou kan hij weer zorgen, kan hij weer géven.
Blijmoedigheid rolt binnen, interesse wordt gewekt,
Levenskracht steekt op en de tafel wordt gedekt.
Dit is ware glans van het leven.

Jouw komst is een geschenk voor dit gezin
Met jou, toont zich daar warmte en betrokkenheid.
Wij omarmen je, vol genegenheid
Wij omhelzen je, jij, vaders lieve vriendin.

De vriendschap tussen de vader en de vriendin was hecht en duurde voort tot haar dood enkele jaren later. Al die  jaren was er sprake van een warme band tussen zijn vriendin en zijn kinderen. Dat was belangrijk voor hem en daar genoot hij van.  

 

Meer voorbeelden van gedichten vind je via de pagina stijl.